Barcodes bij Kloosterboer in de diepvries
Geplaatst door: logipers Categorie: Cases Distributielogistiek
Toegevoegd: 08-02-2006 om 13:27
Logistiek dienstverlener Kloosterboer is gespecialiseerd in de opslag en distributie van voornamelijk geconditioneerde goederen. Van de Nederlandse vestigingen is de terminal in Vlissingen qua omvang de grootste.
Met een opslagcapaciteit van ruim 150.000 ton verwerkt men op deze terminal voornamelijk fruit en concentraat en dairy producten, onder andere afkomstig uit landen als Zuid-Afrika, Chili, Turkije, Nieuw Zeeland, Brazilië, Costa Rica en de VS.
Van groot naar veel
In het verleden kreeg Kloosterboer Vlissingen per schip hooguit enkele grote partijen, die snel konden worden weggezet. Geen probleem met locatiebeheer, want iedereen wist wat bij welke partij hoorde.
Dat is snel veranderd. Nu leveren de overzeese klanten relatief kleine partijen of productiebatches aan. Leveranciers en fabrikanten dekken zich in voor afkeur. Dus krijgt Kloosterboer tegenwoordig batches van 20 tot 40 vaten concentraat in plaats van enkele honderden tegelijk.
“Je kunt dus wel nagaan dat het met zoveel verschillende partijen of batches steeds moeilijker wordt om vast te stellen om welke partij het gaat”, zegt Manager Operations Marc Rommers.
Voorlopers
Dat probleem is op een gegeven moment ook door de leveranciers van onder meer fruit onderkend. Vooral die uit Chili en Zuid-Afrika waren wat tracking & tracing van fruitproducten betreft, duidelijke voorlopers. Zij wilden elke pallet met fruit of concentraat kunnen volgen, vanaf het moment dat hij verzonden wordt tot in de supermarkt. Dus werden pallets uit deze landen al vrij snel voorzien van een barcode-etiket.
“We zijn daar uiteraard een heel eind in meegegaan”, vertelt Rommers. “We scannen al zo’n acht à negen jaar. Onze klanten geven hun gegevens door, zodat wij ze hier kunnen verwerken. Alleen verouderde ons systeem en daarom moesten we op een gegeven moment een nieuw systeem zoeken.”
Na veel wikken en wegen koos Kloosterboer voor een geavanceerd systeem, dat samen met het softwarebedrijf Softpak werd ontwikkeld. Rommers: “Als je met een nieuw systeem begint, moet je ervoor zorgen dat je een voorsprong hebt, dus is dit systeem geavanceerder dan de systemen van onze collegae. En nu is het natuurlijk zaak om die voorsprong vast te houden.”
Locatiebeheer
De volgende stap was het opzetten van een goed locatiebeheersysteem. “Als je zo’n geavanceerd systeem hebt, moet ook het locatiebeheer optimaal zijn. Tot voor kort noteerden we de locaties van de partijen op papier en verwerkten die gegevens in het systeem. Dat ging in de meeste gevallen gelukkig goed, maar als iemand eens iets verplaatste en dat vergat op te schrijven, had je een behoorlijk probleem op een terminal met zoveel palletplaatsen.”
Er werd dus gekeken naar een passend locatiebeheersysteem met daarbij de vraag welke methode het beste zou zijn. Die vraag was overigens niet eens zo moeilijk, want bij Kloosterboer waren ze al gewend aan barcodes. Het lag dus voor de hand ook met barcodes op de stellingen en de grondlocaties te gaan werken.
Via een oriënterend onderzoek op beurzen en bij bedrijven kwam Rommers in oktober 2004 terecht bij inotec Barcode Security BV. Samen met inotec werd in korte tijd een eenvoudig maar effectief locatiebeheersysteem ontwikkeld voor de ruim 35.000 palletplaatsen. Kloosterboer zorgde voor een database met basisgegevens en inotec zette daarmee het locatiesysteem op.
Rommers: “We hebben een risico genomen door het locatiesysteem snel in te voeren. Rond de Kerst van 2004 zaten alle locaties in de database en in januari daarop moesten we nog gaan plakken en kijken of het goed werkte. En als je bedenkt dat eind januari de eerste lading zou aankomen die we met het systeem wilden inslaan, was er dus heel weinig tijd om het systeem te testen.”
Drie labeltypes
Voor het identificeren van de stellinglocaties werd gekozen voor drie types barcodelabels, te weten Diocard, Diotac en Diomaster. Diocard is een label zonder lijmlaag en dus bij uitstek geschikt in een vriesomgeving. Het wordt met schroeven of popnagels aan de stelling bevestigd. Diotac is een wat steviger, dikker materiaal en wordt gebruikt op de staanders met daarin de onvermijdelijke perforaties. Diomaster tenslotte is het paradepaardje van inotec voor de liggers. Het materiaal van de Dio-labels kan overigens in verschillende kleuren op één etiket worden gemaakt.
Voor aanduiding van de grondlocaties met hoger gestapelde pallets kwam Retrocard in aanmerking. Dit is een reflecterend materiaal voor het scannen op lange afstand. Door de reflectie van de metaaldeeltjes in dit materiaal wordt de scanafstand vergroot. Long rang scanners kunnen hierdoor de barcode op afstanden tot 10 meter herkennen. Deze barcodelabels zijn boven de locaties opgehangen.
De verschillende labels zijn kleurgecodeerd om de hoogte aan te geven. Wit betekent per laag scannen, geel per twee lagen en oranje per drie lagen. Bij de staanders zitten de drie kleuren op één lang label. “Heel herkenbaar en dus duidelijk voor onze heftruckchauffeurs en orderverzamelaars”, vindt Rommers. “Voorheen zetten we alle gegevens met de hand in de computer, nu is het een kwestie van scannen. Voor het wegzetten van de pallets met fruit werken we op de heftrucks met een combinatie van long range scanners en normale handscanners van LXE en voor de inslag-identificatie hebben we de mobiele terminals MX5 en MX6 van LXE".
Hij vertelt dat de heftruckchauffeur niet meer hoeft te doen dan aanrijden met een intussen al geïdentificeerde pallet, deze in de stelling zetten en dan de desbetreffende barcode scannen op de stellingstaander of boven de grondplaats.
Geen RFID
Wat opvalt, is dat in een tijd waarin RFID steeds vaker de voorkeur krijgt boven barcodering, toch gekozen is voor het werken met barcodes. Marc Rommers heeft daar een heel eenvoudige verklaring voor. “Het had gekund, maar onze klanten zijn nog niet zover.”
Hij legt uit dat de Chilenen en Zuid-Afrikanen wel al heel ver zijn met barcodering en over niet al te lange tijd waarschijnlijk ook willen overstappen op RFID, maar dat bijvoorbeeld het fruit uit Turkije nog geen barcodelabel heeft en dat de leveranciers in Egypte blijkbaar nog helemaal niet van een barcode hebben gehoord.
“Dus moet je zorgen, dat je een systeem hebt waarmee je te allen tijde uit de voeten kunt en waarmee je elke klant kunt behandelen. Daarom maken we zelf ook barcode-etiketten aan voor pallets die ze niet hebben".
Zo krijgt een Egyptische pallet bij Kloosterboer op basis van de gegevens, die op de pallet, de krat of de dozen zijn vermeld, pas hier zijn barcode, die als EAN128-label wordt geprint.
Voorlopig alleen het fruit
Momenteel is alleen het fruit van een barcode voorzien. De andere producten worden vooralsnog op de ouderwetse manier met pen en papier geregistreerd en later ingevoerd in het warehouse management systeem.
"Geen enkel probleem", vindt Rommers, want: "De wet zegt weliswaar dat er een systeem moet zijn van tracking & tracing, maar zegt er niet bij op welke manier. Als je maar weet waar de pallet is en is geweest.”
Ook de andere producten
Uiteraard wil men bij Kloosterboer liever de andere goederen ook via barcodes volgen. Het probleem is alleen dat er veel klanten zijn uit verschillende landen. Daardoor is het volgens Marc Rommers moeilijk om er één systeem op los te laten.
Bovendien is het invoeren van de gegevens van bijvoorbeeld elk afzonderlijk vat concentraat een heel karwei wanneer de data niet door de klant wordt aangeleverd. Een lading concentraat komt namelijk met losse vaten uit het schip en wordt per zes stuks op een pallet gezet.
Elk afzonderlijk
"Die zes vaten moeten elk afzonderlijk van een barcode-etiket worden voorzien en gescand, want er wordt niet altijd een hele pallet gedistribueerd. En om 2300 vaten in acht uur op die manier te labelen, heb je heel wat mensen nodig. Bovendien moeten de gegevens in veel gevallen ook nog zelf in de database worden ingebracht om de barcode te kunnen samenstellen. Daarom houden we het nu nog simpelweg per partij op de oude manier bij, maar de komende maanden gaan we ons oriënteren wat de mogelijkheden voor de andere producten zijn”, aldus Rommers.
De oplossing ligt overigens bij de leveranciers. "Zodra zij een uniforme barcode gebruiken en de bijbehorende gegevens aan ons toesturen, kan er sprake zijn van een nog efficiënter afhandeling".
Reacties
Er zijn nog geen reacties. Vul onderstaand formulier in om te reageren.
Reageren
|